Spelend rekenen blijkt zinvol

Inleiding

Het werkgeheugen en getalbegrip zijn twee belangrijke factoren voor de ontwikkeling van de rekenvaardigheid van kinderen. Daarover gaat het onderzoek van Evelyn Kroesbergen en Femke Kirschner dat zij in januari 2014 publiceerden in Mensenkinderen, een tijdschrift voor en over het Jenaplanonderwijs. Hieronder volgt een korte samenvatting en verwijzing naar het artikel zelf.

Samenvatting artikel

Bij getalbegrip gaat het er vooral om dat kinderen de koppeling leren maken tussen de hoeveelheid en het getal door veel te oefenen met het tellen en benoemen van voorwerpen en plaatjes. Dat ze daadwerkelijk zelf voorwerpen aanwijzen en groeperen. Daarbij is motivatie een belangrijk punt. Gemotiveerde kinderen willen zich hiervoor inspannen.

Kroesbergen en Kirschner hebben nagedacht over een training van het werkgeheugen bij jonge kinderen waarbij de kloof naar de schoolpraktijk minder groot is en meer gebruik gemaakt wordt van spel. Het spelen van spelletjes als ‘ik ga op reis en neem mee’ en ‘memory’ bleek tot goede resultaten te leiden. Kinderen waren vooruit gegaan in werkgeheugen én getalbegrip. Het spelen van dergelijke spelletjes bleek ook effectiever dan een individuele computertraining. Vervolgens onderzochten zij of deze positieve resultaten ook geboekt zouden worden bij een getalbegriptraining op een tablet. De serious game ‘Number Sense Game’ werd ontwikkeld voor de ontwikkeling van getalbegrip. Het idee van werkelijk manipuleren van objecten kan beter worden benaderd op een tablet dan op een computer. Er werden een aantal spelelementen aan het spel toegevoegd:

  • een te behalen doel
  • een ‘bad guy’
  • het zoeken naar informatie
  • diverse animaties

De kinderen die dit spel speelden waren – evenals de kinderen uit de controlegroep die een reguliere training deden – vooruit gegaan in getalbegrip. De training bleek vooral effectief voor zwakke rekenaars.

Het artikel eindigt met de conclusie dat kinderen in groep 1 en 2 spelenderwijs al veel vaardigheden op kunnen doen ter voorbereiding op het leren rekenen. Spelletjes waarbij de link wordt gelegd tussen getallen en hun betekenis, of waarbij het werkgeheugen getraind wordt, zijn daarvoor goede manieren.

Vooruitblik

Het volgende blogbericht gaat over een recent uitgekomen rekenapp waarbij het draait om het ontwikkelen van getalbegrip bij jonge kinderen. Een app die kinderen graag spelen!

Bron:
Kroesbergen, E. H., Kirschner, F. (2014). Spelend rekenen heeft zin. Mensenkinderen, 140, 28-30.
Download dit artikel hier.

Reactie NRC: ‘Rekenen leer je door te rekenen’

Afgelopen woensdag verscheen een reactie van ‘kenners’ op het nieuws van de tegenvallende rekenresultaten van V(MBO)-ers.

Er is iets goed mis met het rekenonderwijs op de basisscholen óf de leerlingen konden wel rekenen toen ze naar het V(MBO) gingen, maar zijn het daar verleerd. Je zou verwachten dat de ‘kenners’ in deze reactie in het NRC het er wel met elkaar over eens zouden zijn. Maar niets is minder waar, de strijd duurt voort. Al sinds 2008 klinken soortgelijke (tegen)argumenten in de media.

Mijn ervaring is dat de beste rekenles van een leerling aansluit bij de didactiek waar het kind zélf om vraagt. Welke dat is, kan je ontdekken door alle zintuigen open te zetten tijdens het werken met deze leerling(en). Daarbij je kennis over leerlijnen, materialen, modellen (ook het handelingsmodel), enzovoorts, flexibel en vlot kunnen benutten. Tijdens het rekenen, de instructie, het samen rekenen en de individuele hulp. De juiste leerstof op het juiste moment kunnen aanreiken, hulpmiddelen (op maat) kunnen bieden. Ik gebruik tijdens bijlessen onder andere een scala aan rekenapps en ik weet welke app voor welke leerling geschikt is. Dat merken de leerlingen ook, de motivatie gaat omhoog en beïnvloeden de resultaten positief.
Gaat het dan om één strategie of om meerdere? Met talige contexten, of kaal? Eerst begrip, dan oefenen, of andersom? Dat wisselt per kind, soms zelfs per bijles, maar is altijd afgestemd op het kind. Dit doet het kind recht en het komt enthousiast thuis. Ouders merken het op.

De vraag is hoelang leerlingen hun enthousiasme voor rekenen vast blijven houden en wie hen daarbij helpt. Als rekenen niet meer nodig is, omdat de rekenmachine dat veel beter en sneller kan en er toch geen toets volgt, er geen leraar of docent is die zich hier druk om maakt, dan gaat het rekenniveau drastisch omlaag. Dit heb ik overigens niet onderzocht en niet nagezocht in de literatuur, maar het kan de oorzaak zijn van de slechte resultaten van deze leerlingen.
Of ze komen met een hele lage CITO-score van de basisschool en volgen krachtig rekenonderwijs, met prachtige (digitale) leermiddelen en scoren vervolgens een voldoende op de rekentoets in 2013/2014. Dit zal moeten blijken uit onderzoek na afloop van de eerste toetsenronde.

De strijd der ware kennis zal nog wel even blijven doorgaan, maar de leerlingen en scholieren hebben nú goed rekenonderwijs nodig.

Binnenkort weer een blog over rekenapps die daarbij ingezet kunnen worden.